Italiaans → Engels - nativo

Uitspraak
adj. native, of or pertaining to one's place of birth

Portugees → Engels - nativo

Uitspraak
adj. aboriginal, native

Spaans → Engels - nativo

Uitspraak
adj. native; native born

Italiaans → Duits - nativo

Uitspraak
n. einheimische, eingeborene
adj. einheimisch, gebürtig

Spaans → Duits - nativo

Uitspraak
n. eingeborene, einheimische, inländer
a. gebürtig, einheimisch, inländisch, urwüchsig, eingeboren, angeboren, natürlich, gediegen

Italiaans → Frans - nativo

Uitspraak
1. (etnologia) aborigène; autochtone; indigène; originaire; natif
2. (persona) natif
3. (paese - uomo) natif (m) 4. (etnologia - uomo) natif (m); autochtone (m)

Portugees → Frans - nativo

Uitspraak
1. (etnologia) aborigène; autochtone; indigène; originaire; natif 2. (botânica) indigène
3. (pessoa) natif 4. (país - homem) natif (m)
5. (etnologia - homem) natif (m); autochtone (m) 6. (homem) habitant d'origine

Spaans → Frans - nativo

Uitspraak
1. (etnología) aborigène; autochtone; indigène; originaire; natif 2. (botánica) indigène
3. (país - hombre) natif (m) 4. (etnología - hombre) natif (m); autochtone (m)
5. (hombre) habitant d'origine

Spaans → Russisch - nativo

Uitspraak
n. местный житель,
adj. прирожденный

Spaans → Koreaans - nativo

Uitspraak
n. 토산의
adj. 실제적인, 천성적인


dictionary extension
© dictionarist.com