Engels → Nederlands - ingratiating

Uitspraak
[ingratiate] ww. trachten in de gunst te komen bij

Engels → Duits - ingratiating

Uitspraak
[ingratiate] v. einschmeicheln, sich anbiedern, Gefallen finden wollen

Engels → Engels - ingratiating

Uitspraak
adj. unctuous; pleasing

Engels → Frans - ingratiating

Uitspraak
adj. insinuant, prévenant; engageant

Engels → Indonesisch - ingratiating

Uitspraak
a. manis, menyenangkan: yg menyenangkan

Engels → Italiaans - ingratiating

Uitspraak
[ingratiate] v. ingraziare, ingraziarsi, propiziarsi

Engels → Pools - ingratiating

Uitspraak
a. przymilny

Engels → Portugees - ingratiating

Uitspraak
adj. lisonjeiro; agradável

Engels → Roemeens - ingratiating

Uitspraak
a. linguşitor, mieros, simpatic

Engels → Russisch - ingratiating

Uitspraak
прил. льстивый, заискивающий

Engels → Spaans - ingratiating

Uitspraak
[ingratiate] v. congraciarse; ser adulador

Engels → Oekraïens - ingratiating

Uitspraak
a. чарівний

Engels → Grieks - ingratiating

Uitspraak
(Lex**) κολακευτικός

Engels → Turks - ingratiating

Uitspraak
s. sokulgan

Engels → Arabisch - ingratiating

Uitspraak
‏متملق‏

Engels → Chinees - ingratiating

Uitspraak
[ingratiate] (动) 使迎合; 使讨好

Engels → Chinees - ingratiating

Uitspraak
[ingratiate] (動) 使迎合; 使討好

Engels → Japans - ingratiating

Uitspraak
[ingratiate] (動) 機嫌を取る

Engels → Koreaans - ingratiating

Uitspraak
형. 알랑거리는

Engels → Vietnamees - ingratiating

Uitspraak
a. được lòng mọi người


© dictionarist.com