Engels → Nederlands - infirm

Uitspraak
bn. zwak, ziekelijk

Engels → Duits - infirm

Uitspraak
adj. schwach; kraftlos; unentschlossen; hinfällig; gebrechlich; ungültig

Engels → Engels - infirm

Uitspraak
adj. weak, feeble; in poor health, ailing; indecisive; unstable; not valid

Engels → Frans - infirm

Uitspraak
adj. infirme, faible, impuissant; malade; indécisif; instable, affaibli; invalide

Engels → Indonesisch - infirm

Uitspraak
a. lemah karena tua, lemah

Engels → Italiaans - infirm

Uitspraak
agg. malfermo, debole, fiacco; instabile, malsicuro; (fig) irresoluto, indeciso; (fig) non valido

Engels → Pools - infirm

Uitspraak
a. słaby, niemocny, bezmocny, niedołężny, ułomny, chory

Engels → Portugees - infirm

Uitspraak
adj. enfermo, doente; fraco, débil; irresoluto, indeciso; instável

Engels → Roemeens - infirm

Uitspraak
v. infirma
a. neputincios, firav, plăpând, becisnic, slab de înger, caracter: cu caracter slab, lipsit de voinţă, lipsit de vlagă

Engels → Russisch - infirm

Uitspraak
прил. немощный, слабовольный, дряхлый, нерешительный, слабохарактерный, неустойчивый

Engels → Spaans - infirm

Uitspraak
adj. enfermizo, achacoso, enfermo; irresoluto, indeciso, vacilante; débil; tembloroso, tembleque

Engels → Oekraïens - infirm

Uitspraak
v. ослабляти
a. немічний, нестійкий, слабовільний

Roemeens → Engels - infirm

n. invalid, cripple, duck: lame duck
a. crippled, invalid, disabled

Engels → Grieks - infirm

Uitspraak
επίθ. ασταθής, ασθενής, ανάπηρος

Engels → Turks - infirm

Uitspraak
s. halsiz, hastalıklı, sakat, kararsız

Engels → Arabisch - infirm

Uitspraak
‏عاجز، واهن، ضعيف، غير حازم، غير مستقر، متردد، مقعد‏

Engels → Chinees - infirm

Uitspraak
(形) 弱的, 柔弱的, 虚弱的

Engels → Chinees - infirm

Uitspraak
(形) 弱的, 柔弱的, 虛弱的

Engels → Hindi - infirm

Uitspraak
a. दुर्बल, क्षीण, रोगी, कमजोर, अशक्त, अस्थिर

Engels → Japans - infirm

Uitspraak
(形) 弱い; 意志薄弱な; 優柔不断な

Engels → Koreaans - infirm

Uitspraak
형. 약한, 허약한; 쇠약한; 결단력이 없는, 우유부단한; 안정적이지 못한, 견고하지 못한; 유효하지 않은

Engels → Vietnamees - infirm

Uitspraak
a. yếu đuối, tàn tật, nhu nhược, không nhứt định


© dictionarist.com