working in Spaans

Uitspraak
s. funcionamiento, accionamiento, elaboración, laboreo, marcha
adj. en funciones, en operación, operante, operativo

Voorbeeldzinnen

He cited the work that served as reference.
Citó los trabajos que sirvieron como referencia.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
I'll repay you for your good work.
Te compensaré por tu buen trabajo.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
I agree to complete the work.
Yo me comprometo a terminar el trabajo.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
I do not get along with your work plan.
No comulgo con tu plan de trabajo.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
The work consists in ordering books.
El trabajo consiste en ordenar los libros.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
If you cooperate with the team the work will be done better.
Si cooperas con el equipo el trabajo se realizará mejor.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
These reports are for the final month of work.
Estos informes corresponden al último mes de trabajo.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
Would you like to chat after work?
¿Te gustaría charlar después del trabajo?
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
We will start working in the garden.
Empezaremos a trabajar en el jardín.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
Instead of envying what you do not have, begin to work for it.
En lugar de envidiar lo que no tienes, comienza a trabajar por ello.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!

Synoniemen

practical: applicable, applied, active



dictionary extension
© dictionarist.com