honour in Nederlands

Uitspraak
[honour (Brit.) ] zn. eer, eerbied, respect, goede reputatie; integriteit, eerlijkheid; beloning, bekroning, gift; privilege; trots, eer
ww. respect betonen; respecteren, waarderen; bekronen; prijzen; accepteren; een belofte standhouden, respect betonen; respecteren, waarderen; belonen, prijzen; accepteren; belofte waarmaken

Voorbeeldzinnen

Both feared and respected, Egypt’s charioteers were honoured citizens.
De zowel gevreesde en gerespecteerde Egyptische Auriga waren ereburgers.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
I haven't had the honor of meeting him.
Ik had de eer niet om hem te ontmoeten.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
It is a great honor to become acquainted with her.
Het is een grote eer haar te leren kennen.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
It is a great honor to meet him.
Het is een grote eer hem te leren kennen.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
It's a great honor to be able to meet you.
Het is een grote eer hem te leren kennen.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
It's a great honor to know her.
Het is een grote eer haar te leren kennen.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
The more danger, the more honor.
Hoe groter het gevaar, des te groter de eer.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
Virtue without gold is better than gold without honour.
Beter deugd zonder goud, dan goud zonder eer.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
With whom do I have the honor to speak?
Met wie heb ik de eer?
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
With whom do I have the honor?
Met wie heb ik de eer?
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!




© dictionarist.com