Brown in Nederlands

Uitspraak
zn. Brown, elitaire Amerikaanse universiteit in Providence (Broad-Island) gevestigd
zn. familienaam
zn. bruine kleur, donkerbruin; halve pennie (muntstuk)

Voorbeeldzinnen

A doctor examined Mr. Brown.
Een dokter onderzocht meneer Brown.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
Agnès looked at the brown boats.
Agnès keek naar de bruine boten.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
Do you know Mr. Brown?
Kent gij mijnheer Brown?
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
Have you seen a brown wallet around here?
Heeft u hier ergens in de buurt een bruine portemonnee gezien?
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
He gets on well with Mister Brown.
Hij staat op goede voet met meneer Brown.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
He has brown eyes.
Hij heeft bruine ogen.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
His shoes are brown.
Zijn schoenen zijn bruin.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
I would take this brown tie.
Ik zou deze bruine das nemen.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
Jason has brown eyes.
Jason heeft bruine ogen.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!
Mary wore a dark brown dress.
Mary droeg een donkerbruine jurk.
Uitspraak Uitspraak Uitspraak Report Error!

Synoniemen

1. cook: fry, toast, sauté, scorch, roast
2. colour: chestnut, mahogany, reddish-brown, tan



© dictionarist.com