Spaans → Engels - distancia

Uitspraak
n. distance, interval, way, remoteness, ranoe

Spaans → Duits - distancia

Uitspraak
n. entfernung, abstand, distanz, weite, ferne, mensur, strecke, unterschied, entfremdung, verfremdung

Spaans → Frans - distancia

Uitspraak
1. (general) distance (f); loin (m) 2. (campo visual) distance (f); loin (m); lointain (m)
3. (puente) travée (f); portée (f) 4. (objetos) écart (m); espace (m)
5. (comportamiento) distance (f); réserve (f); attitude distante

Spaans → Russisch - distancia

Uitspraak
n. расстояние, разница

Spaans → Koreaans - distancia

Uitspraak
n. 거리, 노정


dictionary extension
© dictionarist.com