Engels → Nederlands - convalesce

Uitspraak
ww. herstellen van een ziekte, genezen

Engels → Duits - convalesce

Uitspraak
v. genesen

Engels → Engels - convalesce

Uitspraak
v. recover, recuperate, get well
v. convalesce, recuperate, recruit

Engels → Frans - convalesce

Uitspraak
v. être en convalescence

Engels → Indonesisch - convalesce

Uitspraak
v. sehat: menjadi sehat kembali, sembuh

Engels → Italiaans - convalesce

Uitspraak
v. entrare in convalescenza, rimettersi

Engels → Pools - convalesce

Uitspraak
v. zdrowie: wracać do zdrowia

Engels → Portugees - convalesce

Uitspraak
v. convalescer, melhorar, restabelecer-se

Engels → Roemeens - convalesce

Uitspraak
v. merge spre vindecare

Engels → Russisch - convalesce

Uitspraak
г. выздоравливать

Engels → Spaans - convalesce

Uitspraak
v. convalecer, mejorarse

Engels → Oekraïens - convalesce

Uitspraak
v. видужувати, обачатися

Engels → Grieks - convalesce

Uitspraak
ρήμ. αναρρώνω, αναρρώνυμι

Engels → Turks - convalesce

Uitspraak
f. iyileşmek

Engels → Arabisch - convalesce

Uitspraak
‏تماثل للشفاء، نقه‏

Engels → Chinees - convalesce

Uitspraak
(动) 渐渐康复; 渐愈

Engels → Chinees - convalesce

Uitspraak
(動) 漸漸康復; 漸愈

Engels → Hindi - convalesce

Uitspraak
v. अच्छा हो जाना, चंगा हो जाना

Engels → Japans - convalesce

Uitspraak
(動) 快方に向かう, 回復する

Engels → Koreaans - convalesce

Uitspraak
동. 건강을 회복하다

Engels → Vietnamees - convalesce

Uitspraak
v. bình phục


Werkwoordsvormen

Present participle: convalescing
Present: convalesce (3.person: convalesces)
Past: convalesced
Future: will convalesce
Present conditional: would convalesce
Present Perfect: have convalesced (3.person: has convalesced)
Past Perfect: had convalesced
Future Perfect: will have convalesced
Past conditional: would have convalesced
© dictionarist.com