Frans → Nederlands - choc

Uitspraak
1. (circulation) ongeval (n); botsing (f); ongeluk (n); aanrijding (f)
2. (automobiles) aanrijding (f); botsing (f)
3. (sentiments) schok (m) 4. (médecine) shock (m)

Engels → Duits - choc

Uitspraak
Praline

Engels → Spaans - choc

Uitspraak
choque

Frans → Engels - choc

Uitspraak
(m) n. shock; impact, bump, concussion, collision; knock, clash

Italiaans → Engels - choc

Uitspraak
n. shock, stun, sudden disturbance of the emotions

Spaans → Engels - choc

Uitspraak
n. shock, jolt, collision

Engels → Turks - choc

Uitspraak
kıs. çikolata

Frans → Duits - choc

Uitspraak
n. griffigkeit, schock, schockzustand, stoß, zusammenprall, aufprall, anstoß, zusammenstoß, schütteln
adj. griffig

Italiaans → Duits - choc

Uitspraak
n. schock

Frans → Italiaans - choc

Uitspraak
1. (circulation) incidente (m); scontro (m); collisione (f)
2. (automobiles) collisione (f)
3. (sentiments) choc (m); shock (m); colpo (m) 4. (médecine) shock {invariable}

Frans → Portugees - choc

Uitspraak
1. (circulation) acidente (m); batida (f)
2. (automobiles) colisão (f); batida (f)
3. (sentiments) choque (m) 4. (médecine) choque (m)

Frans → Russisch - choc

Uitspraak
n. толчок (m), удар (m), столкновение (m), сотрясение (m), потрясение (m), шок (m), ударный: ударная волна (m)

Frans → Spaans - choc

Uitspraak
1. (circulation) accidente (m); colisión (f); choque (m)
2. (automobiles) colisión (f); choque (m)
3. (sentiments) shock (m); conmoción (f) 4. (médecine) shock (m); choque (m)

Italiaans → Frans - choc

Uitspraak
(sentimento) choc (m)

Frans → Turks - choc

Uitspraak
[le] çarpma, çarpışma; şok, darbe; sarsıntı


dictionary extension
© dictionarist.com