Engels → Nederlands - berate

Uitspraak
ww. hekelen, uitbrander geven

Engels → Duits - berate

Uitspraak
v. schelten, beschimpfen

Engels → Engels - berate

Uitspraak
v. scold, rebuke, reproach
v. advise, counsel; offer guidance; consult, instruct, advocate

Engels → Frans - berate

Uitspraak
v. réprimander; gronder, reprocher; semoncer; blâmer

Engels → Indonesisch - berate

Uitspraak
v. mencaci maki, mencaci

Engels → Italiaans - berate

Uitspraak
v. rimproverare, sgridare

Engels → Pools - berate

Uitspraak
v. skrzyczeć, zwymyślać

Engels → Portugees - berate

Uitspraak
v. repreender

Engels → Roemeens - berate

Uitspraak
v. certa, mustra

Engels → Russisch - berate

Uitspraak
г. ругать, бранить

Engels → Spaans - berate

Uitspraak
v. recriminar, regañar furiosamente, reñir a, reprender a gritos; vejar, zaherir

Engels → Oekraïens - berate

Uitspraak
v. лаяти, сварити, карати

Engels → Grieks - berate

Uitspraak
ρήμ. επιπλήττω, επιτιμώ, μαλώνω

Engels → Turks - berate

Uitspraak
f. azarlamak, fırça atmak (Argo), haşlamak

Engels → Arabisch - berate

Uitspraak
‏وبخ، عنف بقسوة‏

Engels → Chinees - berate

Uitspraak
(动) 严厉指责; 申斥

Engels → Chinees - berate

Uitspraak
(動) 嚴厲指責; 申斥

Engels → Hindi - berate

Uitspraak
v. गाली देना

Engels → Japans - berate

Uitspraak
(動) 叱責する

Engels → Koreaans - berate

Uitspraak
동. 호되게 꾸짖다, 야단치다


Werkwoordsvormen

Present participle: berating
Present: berate (3.person: berates)
Past: berated
Future: will berate
Present conditional: would berate
Present Perfect: have berated (3.person: has berated)
Past Perfect: had berated
Future Perfect: will have berated
Past conditional: would have berated
© dictionarist.com